Faeröer Eilanden

Eigenlijk, waren de Faeröer Eilanden over het algemeen gewoon één grote favoriete stop. Maar af en toe moet je kiezen. En lijstjes maken. Ik hou van lijstjes maken. Lekker overzichtelijk.

Goed. De Faeröer Eilanden dus, een fantastisch, prachtig groot teletubbie-achtig paradijs waar op de een of andere manier nog weinig toeristen te vinden zijn. Al eerder schreef ik een artikel over mijn tips en praktische informatie voor een reis naar de Faeröer Eilanden, maar vandaag zit ik in de inspireer-modus en deel ik dus lekker, geheel vrijblijvend mijn favoriete stops op de eilandengroep.

Faroer Eilanden

Lake Sørvágsvatn

Met zeshonderd punten staat dit pareltje van een meer bovenaan het lijstje (niet dat dit een chronologisch lijstje is). Telkens wanneer ik iemand foto’s van dit meer laat zien krijg ik dezelfde reactie. Allereerst moet er flink ingezoomed worden op de foto om dit surrealistische beeld à la M. C. Escher te begrijpen. Vervolgens wordt er een ‘Huh.. maar.. is. dit. de. zee?’ uitgestameld, om uiteindelijk naar aanleiding van mijn enthousiaste ja-geknik, lekker te kwijlen over de foto en het mooiste meer ooit. Maar om het nog even te verduidelijken: inderdaad, dit meer ligt tegen het randje van de landgrens aan, meters hoog boven de zee. Het duurt ongeveer een uurtje om het mooiste punt van het meer te bereiken, vanaf waar je zowel de kliffen, de zee en het meer in één oogopslag in je op kan nemen. Mooi mooi.

Faroer Eilanden

Gásadalur

Nog zoiets moois. Gásadalur. Dit dorpje is klein, lief, schattig, en heeft als héle grote extra een waterval die rechtstreeks de zee in verdwijnt. Het gevolg: prachtige taferelen – typerend voor de Faeröer Eilanden én een zeer hoge fotogenieke waarde. Het fijne van de eilandengroep is dat toerisme nog niet echt een ding is en dat je hier in Gásadalur rond kan wandelen in ongerepte natuur. Loop langs de kliffen om af en toe de diepte in te staren of neem een kijkje in het zeer kleine dorpje. Leuk!

 

Faeröer Eilanden

Viðareiði

Dit onuitspreekbare dorpje waarvan ik zonder kopiëren en plakken niet eens weet hoe ik dit moet typen op mijn laptop, is het meest Noordelijke dorpje van de Faeröer Eilanden. En alleen dat gegeven maakt het al een stop die de moeite waard is. Viðareiði is, net zoals ieder ander dorpje op de eilanden groep eigenlijk, ontzettend klein. Je kan er nog nét koffie halen en kwijlen over een klein kerkje dat uitkijkt over de zee. Op de achtergrond zie je de dramatische landschappen van rotsen die pal uit de zee steken, met metershoge kliffen. Maar tegen de tijd dat je Viðareiði bereikt hebt, ben je hier allang aan gewend – want dat is nou eenmaal de Faeröer. Vervelend hè?

Faeröer Eilanden

Klaksvik

Ik heb de leukste herinneringen van de Faeröer aan Klaksvik. Allereerst vond ik het echt bizar om weer in een ‘echte’ stad te komen. Met mensen! En een grote kerk! En bedrijvigheid! Zelfs lantaarnpalen! Hoe dan ook, Klaksvik is nog steeds klein, maar ik vond het er leuk. ’s Avonds keek ik vanuit mijn Airbnb uit over het water en fonkelende, kleine weerspiegelende lampjes, ging ik naar de bioscoop (welliswaar als enigste (overigens draaide er ook maar één film)) en genoot ik van het prachtige uitzicht over de stad van bovenaf met wederom die prachtige bergen op de achtergrond.